Wat
is mijn taak als orthopedagoog?
Als
orthopedagoog, met specialisatie leerstoornissen, test ik kinderen en adviseer ik ouders
van deze kinderen in de leeftijdsgroep van 2 jaar en 6 maanden t/m 17 jaar.
Via
gerichte opleidingen: H.B.O. (Pedagogische academie & MO-a en M.O.-b met
differentiatie leerstoornissen) & universitair doctoraal pedagogiek (drs. te
Utrecht aangevuld met de diagnostische aantekening)
Daarbij heb ik sinds 1970 t/m 2010 ervaring in het onderwijs als docente,
remedial teacher en ik ben sinds 1986 verbonden als vaste orthopedagoog aan het
Helicon College te 's-Hertogenbosch en heb "free-lance" orthopedagogische
taken verricht voor het voormalig FHC-college (Frederik Hendrik College),
later opgegaan in het KW1C (Koning Willem 1 College) en S.G. de Overlaat te
Waalwijk.
Mijn
opleidingen zijn dus gedurende 40 jaar nuttig gebruikt binnen het
onderwijsveld basis- en voortgezet onderwijs.
Binnen
het onderwijsveld heb ik steeds in teamverband gewerkt en ik ben op de
hoogte van de diverse sociaal emotionele en cognitieve problemen van
schoolgaande kinderen.
In
1996 heb ik niet gekozen om mij GZ-psycholoog te laten noemen. Ik meen n.l.
dat een orthopedagoog met als differentiatie leerstoornissen een specialisme
op zich is, die niet geheel aansluit binnen het veld van een Gezondheidspsycholoog.
Ik ben
dus een orthopedagoog met differentiatie leerstoornissen en houdt me bezig
met allerlei problematiek omtrent het schools leren en geef vanuit mijn
kennis en ervaring ouders en scholen adviezen. Daarbij heb ik me ook
toegelegd op de specifieke hoogbegaafdheids-problematiek bij zeer jonge
kinderen (Kleuter leeftijd, groep 1-3 basisonderwijs).
Leerproblemen:
Leerproblemen, zoals
NLD, dyslexie,
dyspraxie en dyscalculie moeilijk
eenduidig te bepalen omdat leerproblemen complex zijn en er ook sprake kan
zijn van een leerstoornis én een gedragstoornis.
Bovendien zijn
NLD, dyslexie, dyspraxie en dyscalculie
moeilijk eenduidig te diagnosticeren. Verklaringen omtrent deze
"stoornissen" zijn vaak discutabel. Ik heb ook het vermoeden dat er te
gemakkelijk "verklaringen" worden afgegeven aan kinderen die op het einde
van de schoolrit voortgezet onderwijs niet echt de "stoornis" nog hebben.
Gedragstoornis:
Bij
het vermoeden van een "gedragstoornis" volgt via de huisarts
een doorverwijzing naar een GZ-psycholoog, kinderarts of kinderpsychiater. Bijvoorbeeld bij
Autisme, PDD-NOS, ADHD is het noodzakelijk dat
een multidisciplinair team de einddiagnose stelt na een observatieperiode.
Testrapportage:
Een testrapportage
(capaciteiten onderzoek aangevuld met concentratietesten en
persoonlijkheidsonderzoek) is een goede vingerwijzing van wat er aan de hand is en geeft de ouders (en de
school!) een beter inzicht in wat het kind wel en niet kan. U krijgt dan zicht op de mogelijkheden van uw kind en u leert zijn/haar
talenten, vaardigheden en capaciteiten beter te laten gebruiken.